Maandelijks archief: december 2016

Kantoor vol Energie in 2017

Kantoor vol Energie gaat ook in 2017 door met het aanjagen van energieneutrale kantoorrenovaties. Het programma wordt onder de vlag van Platform31 voortgezet nu Energiesprong per 31 december stopt. ‘De beweging wordt groter’ is het centrale motto voor het komende jaar. Ook blijft het Kantoor vol Energie-team onder andere pilotprojecten begeleiden. Drie daarvan zijn van het Rijksvastgoedbedrijf. Daarnaast heeft de gemeente Den Bosch zich bij Kantoor vol Energie aangesloten met hun lokale programma ‘Gebouw vol Energie’. De verwachting is dat in de loop van het jaar nog meer Nederlandse gemeenten zich bij Kantoor vol Energie gaan aansluiten. Het team van Kantoor vol Energie zal dus weer op veel plaatsen zichtbaar zijn.

Behalve een intensieve begeleiding van energieneutrale kantoorrenovaties worden er ook weer diverse masterclasses over onder andere de Nieuwe Norm op touw gezet. En tevens staan er de bekende EET-cafés op het programma. Wij houden u over alle ontwikkelingen rond Kantoor vol Energie op de hoogte.

Drie consortia met Nieuwe Norm aan de slag

“Opdrachtgevers roepen al snel dat het anders moet. Maar met alleen kennis en materialen ben je er nog niet. Er moet een extra stap worden gezet.” Dat zegt Ralph Oduber van Heijmans na afloop van zijn ‘eindpitch’ voor het reflectieteam van Kantoor vol Energie. Samen met twee andere consortia gaf zijn consortium deze pitch tijdens een afsluitende bijeenkomst bij Villa Jongerius in Utrecht.

Alle deelnemers volgden het Masterclasstraject ‘De Nieuwe Norm’ van Kantoor vol Energie. Zij werden voor een eindpitch uitgedaagd om met een door hen gevormd consortium de markt te verleiden om bestaande kantoorpanden volgens de Nieuwe Norm te gaan verduurzamen. Bij een zogenoemde Nieuwe Norm-renovatie draait het zoals bekend vooral om een grote, ambitieuze renovatie die leidt tot een energieneutraal gebouw dat positief bijdraagt aan de gezondheid van de gebruiker.

De uitdaging waar de drie consortia voor stonden was als volgt geformuleerd: “Presenteer een innovatieve renovatiepropositie voor een specifiek kantoortypologie conform de Nieuwe Norm die antwoordt geeft op de vragen en onderliggende behoeften van gebruikers, past binnen de businesscase en tegemoetkomt aan de renovatie-uitdagingen van vastgoedeigenaren.” Verleiden en het winnen van vertrouwen zijn daarbij sleutelwoorden. De presentaties werden vervolgens door het KvE-reflectieteam, gevormd door Olaf Rutten (ABN-AMRO), Arno Brinkers (COCON Vastgoed) en Klaas Jan Engelsma (RVB/RWS), van commentaar voorzien.

Positief

Ralph Oduber (Heijmans) maakt deel uit van consortium RE-FIT (Heijmans, Ector Hoogstad Architecten en Sweegers en de Bruijn) en kijkt met een positief gevoel op de masterclass bijeenkomsten terug. “Vaak is er wel een goed plan, maar word je al snel weer door alledaagse zaken in beslag genomen. De Nieuwe Norm is een goed hulpmiddel om binnen een vaste tijdslijn gestructureerd met onze ideeën over energieneutrale en gezonde gebouwen aan het werk te gaan.” Ook over de inhoud en ambities is Oduber erg te spreken. “KvE heeft met de Nieuwe Norm goede ambities neergezet. Het zorgt ervoor dat er rek in de markt gecreëerd wordt.” Het projectonafhankelijk denken, met een vast consortium, in ambitieuze renovatieconcepten die voor meerdere projecten geschikt zijn is voor hen nieuw en uitdagend.

Lessen

Eén van de belangrijkste lessen is volgens Ralph Oduber wel dat het allemaal nog niet zo simpel is. “Er wordt al snel door opdrachtgevers maar ook publieke overheid geroepen dat het anders en beter moet. Er zijn verschillende materialen en technieken die kunnen worden toegepast en er is voldoende kennis beschikbaar, maar daarmee ben je er nog niet helemaal. Het aantal goede en gerealiseerde projecten in de markt die je als voorbeeld kunt gebruiken is ook nog niet zo heel erg groot en daarin zijn financiële randvoorwaarden zoals geldstromen en de boekhoudkundige waardering van dit soort nieuwe gebouwoplossingen niet onbelangrijk. Toch zijn we bij deze pitch tot het gaatje gegaan. Door dit project hebben we heel goed naar alle verschillende onderdelen gekeken. Daardoor is alles wel een stuk realistischer geworden. Niet zomaar een plan vol idealen, maar een concept waar we de markt mee kunnen benaderen.” Het concept omvat een 3-stappenplan naar energieneutraliteit, het creëren van een gezonde werkomgeving met betekenisvolle tussenruimten en het creëren van een toekomstwaarde door een aantrekkelijke uitstraling. Bij dit concept is circulair materiaalgebruik de ambitie.

Waardevol

Han Vrijmoed (Movares), bouwbioloog, vormde met twee andere eenlingen een consortium. Het delen van kennis is voor hem erg waardevol. “Door naar anderen te luisteren en zaken vanuit verschillende invalshoeken te bespreken leer je van elkaar. Iedereen heeft zijn eigen expertise. Door die te delen bouw je elkaar op.” Vanuit Movares wil men in de toekomst meer concrete plannen volgens de Nieuwe Norm maken en daar geschikte partners bij zoeken. Dit gebeurt ook binnen het bedrijf. “We hebben zo’n 1100 man met 160 verschillende disciplines in dienst. Daarbij is het vaak een kwestie van ‘winkelen’ om een team samen te stellen dat bij het plan past.” Hij noemt het een goede ontwikkeling dat grote bedrijven of consortia hun kennis niet langer voor zichzelf houden. “Kennis en kunde delen genereert nieuwe ideeën. Samenwerken is de nieuwe toekomst.” Het programma van Kantoren vol Energie heeft hij als erg leerzaam ervaren. “Op sommige momenten was het best intensief, maar ik heb er veel van opgestoken.” De huidige vorm van aanbesteden noemt hij bijvoorbeeld rechtstreekse kapitaalvernietiging als de presentaties en informatie van afvallende partijen niet verder worden gebruikt. De opdrachtgever bereid zien te vinden om zich open te stellen en bestaande processen los te leren laten ziet Vrijmoed dan ook als grootste uitdaging. “Al zal er best nog heel wat water door de Rijn moeten vloeien voor we dat volledig bereikt hebben.” In zijn presentatie pleit Vrijmoed om van meer waarde en betekenis te zijn voor mens en maatschappij, waarbij vastgoed een bedrijfsmiddel moet zijn, naast organisatie en interieur. “Als dat goed op orde is kun je het primaire proces ondersteunen waardoor er beter gepresteerd wordt.  Zonder gebruiker geen concept, en zonder concept geen gebouw”. Opslag van energie en gebruik van natuurlijke materialen waren daarbij enkele speerpunten.

Betere wereld

Robert Sengers (Kernwaarde Groen), van consortium Vitale Kantoren heeft het Masterclasstraject eveneens als erg leuk ervaren en is zeer enthousiast. “De businesscase van Kantoor vol Energie was erg leuk. Ik wist wel het een en ander van de materie maar nog lang niet alles. De opgedane kennis uit de case kan ik nu gebruiken als tool naar andere klanten.” Energieneutrale kantoorpanden realiseren door renovatie is best een uitdaging maar zeker mogelijk. “Multidisciplinair handelen is een voorwaarde. Hoogwaardige en flexibele werkklimaten realiseren waarbij de mens centraal staat met veel aandacht voor het milieu en duurzaamheid. Zo kunnen we met de kennis van nu, een betere wereld creëren.” Die hoogwaardige en flexibele werkklimaten kunnen bestaan uit een fijn klimaat of een ruw klimaat. Het fijne klimaat voldoet volledig aan de binnenmilieueisen van De Nieuwe Norm. In het ruwe klimaat is er minder intensieve luchtbehandeling en kunnen temperaturen iets meer schommelen. Robert Sengers: “Wat minder individueel maar in sommige gevallen dus juist goed voor je medewerkers. Sommige mensen kunnen in de zomer op een daktuin met Wi-Fi onder een parasol prima presteren.” Hij ziet het verduurzamen van kantoren als maatpakken. “Meer specifiek, minder generiek: niet iedereen is gelijk.”

Vertrouwen

Consortium Vitale Kantoren heeft er zin in. De afspraken om bij elkaar te komen zijn voor het komende half jaar al gepland. Daarbij is een van de eerste punten waarmee het consortium aan de slag gaat ‘conscious contracting’ oftewel bewust contracteren. Robert Sengers: “Niet op de traditionele manier contracteren maar op basis van een gedeelde visie, missie en waarden. Sterke relaties opbouwen met de verschillende contractpartijen en van daaruit werken. We zijn blij dat we Digna de Bruin in ons consortium hebben. Met haar opgebouwde werkervaring als advocaat kan zij ons daar goed bij ondersteunen.”

Masterclasses

Vanwege het succes bij zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers zal er in 2017 nogmaals een soortgelijk Masterclasstraject worden opgezet (periode maart – mei 2017). Berichten hierover zullen via de website en de nieuwsbrief van Kantoor vol Energie worden verspreid.

Lees hier meer over de consortia en download de presentaties

Roman over Kantoor vol Energie leest als een trein

Als Tilly van Deurnen het bouwbedrijf van haar overleden man in de schoot geworpen krijgt, besluit ze zich te storten op zijn droom, het energieneutraal renoveren van kantoren. Dit gaat niet zonder slag of stoot en uiteindelijk vinden we haar zelfs al papiertjesprikkend terug in een park. Wat is er gebeurd met Tilly en waarom heeft zij deze taakstraf gekregen? Je leest het in ‘Beter dan nul’, de roman die Sonja van der Arend in opdracht van Kantoor vol Energie heeft geschreven. Een gesprek met de auteur.

Sonja van der Arend schrijft beleidsromans, daarvoor doet ze onderzoek naar de alledaagse werkelijkheid in de wereld van beleid, ambtenaren en andere mensen die daarin verzeild raken. Het onderzoek resulteert in een roman of een ander fictief werk met als doel de ervaringskennis van verschillende mensen in de beleidspraktijk naar boven te krijgen, te vergroten en te delen. De roman voor Kantoor vol Energie is haar derde beleidsroman.

Een roman over Kantoor vol Energie, is dat leuk?

“Jazeker! Het is een goed verhaal dat speelt in de vastgoedwereld. Het verhaal van Tilly neemt je mee in het proces en laat zien wat er allemaal mogelijk is, maar ook waar belemmeringen ontstaan. Natuurlijk trek ik het soms in het extreme, het is niet voor niets fictie.”

Deze stijl van schrijven noem je serious fiction, wat moeten we ons daarbij voorstellen?

“Serious fiction, of: echt verzonnen, is een term die ik zelf heb geïntroduceerd. Grofweg gezegd vertaal ik de beleidspraktijk naar een fictief verhaal. Maar met waargebeurde elementen of elementen die waargebeurd kunnen zijn. Zo heb ik dat gedaan voor Kantoor vol Energie, maar bijvoorbeeld ook voor een groep bewoners die te maken kregen met een Ruimte voor de Rivier project langs de IJssel. Het maakt informatie die als droge stof of ver-van-mijn-bedshow wordt ervaren aansprekender. De lezer krijgt er een beeld bij. En daarnaast draait het natuurlijk ook om entertainment. Je kunt dit verhaal ook lezen als ontspanning.”

Wist je zelf iets over het energieneutraal renoveren van kantoren?

“Nou, ik heb ooit milieu gestudeerd, dus ik weet wel wat van de klimaatproblematiek, CO2-uitstoot, energiebesparing et cetera. Maar de technische, juridische en financiële details van de vastgoedsector waren nieuw voor mij.”

Hoe kun je er dan een goed verhaal over schrijven?

“Ik heb het niet helemaal alleen gedaan. Samen met medewerkers van Kantoor vol Energie en andere betrokkenen bespraken we in een aantal sessies vragen rondom het onderwerp. Ik vroeg ze bijvoorbeeld wat er allemaal mis kan gaan bij een renovatie naar een energieneutraal kantoor. Ze deelden hun eigen ervaringen met energieneutraal renoveren. Daarnaast gaf ik creatieve opdrachten  waarbij ze hun fantasie de vrije loop mochten laten, waardoor ik veel aanknopingspunten kon verzamelen voor het verhaal en de hoofdrolspelers.”

Wie zijn de hoofdrolspelers?

“We hebben natuurlijk Tilly van Deurnen, die ineens eigenaar wordt van het bedrijf van haar overleden man. Zij wil zijn energieneutrale droom voortzetten en weet daarvoor ook een mooie opdracht binnen te slepen. Maar ondanks alle goede bedoelingen overkomt haar daarbij van alles. Ze ontmoet vervolgens een snelle jongen, Olivier de Rover. Hij is de personificatie van de frauduleuze vastgoedwereld, en haar absolute tegenpool. Toch slaan ze samen een bepaalde weg in.”

Weer een verhaal over de bouwfraude dus?

“Nee, daar wilde ik juist ver vandaan blijven. Die aspecten van de sector kwamen wel naar voren in de workshops, maar het speelt nu eenmaal geen rol bij duurzaam bouwen. Wat mij is opgevallen als buitenstaander is dat het kennisniveau over energieneutraal bouwen in de sector hoog is, maar dat het toch niet gebeurt. Het lijkt of men het gewoon niet wil. Doel van dit boek is dan ook onder andere om enthousiasme voor energieneutrale kantoren te genereren. Niet op grond van de feiten, want die kent iedereen, maar van een verhaal. Het is een andere manier van de informatie tot je nemen.”

Is jou als buitenstaander nog meer opgevallen?

“Uiteraard. Als je aan vastgoed denkt, dan zie je toch gauw kerels in glimmende zwarte pakken voor je, maar zeker de mensen die met energieneutraal bezig zijn, zijn net zo gevarieerd als in de rest van de maatschappij. In de personages in het boek laat ik dat terugkomen, net als het verloop van de fases waarin de vastgoedwereld zich bevindt. De snelle vastgoedhandelaar De Rover vertegenwoordigt de jaren ’80 en ’90 waarin iedereen probeerde zo snel mogelijk rijk te worden, Tilly is de zoekende idealist en ze worden uiteindelijk nog vergezeld door een jonge  bouwkundige die eigenlijk al gewend is om verder te kijken dan alleen zichzelf. Zij wil rekening houden met de wereld om zich heen. Ook daarom denk ik dat iedereen zich wel kan herkennen in het verhaal en de personages.”

‘Ken je mij niet? Dat wordt de hoogste tijd dan.’ Hij steekt zijn rechterhand uit. Tilly blijft met twee handen haar prikstok vasthouden. ‘Olivier de Rover, aangenaam.’ Na een paar tellen laat hij zijn arm weer zakken. ‘Ook goed, je hoeft je niet voor te stellen. Ik weet al wie je bent. Mathilde van Deurnen. Van Bouwbedrijf Van Deurnen BV.’ Hij laat een lange stilte vallen, maar het is duidelijk dat hij nog iets gaat zeggen. Tilly kijkt hem verbaasd aan terwijl hij een hand door zijn haar haalt en zijn blik door het park laat dwalen. Uiteindelijk kijkt hij weer haar kant op. ‘En ik weet ook waarom je hier bent.’

‘Beter dan nul’ is te bestellen via deze link.

‘De beweging wordt alleen maar groter’

Het laatste EETcafé…van dit jaar

“Energieleverend is de nieuwe norm. Ik kom gelukkig steeds meer mensen tegen die het niet normaal vinden dat gebouwen energie gebruiken.” Aldus Eelco Ouwerkerk, programmamanager van Kantoor vol Energie tijdens het EETcafé dat tijdens deze laatste editie van het jaar in het teken stond van ‘terugkijken en vooruitzien’. Maar vooral ook inspireren. Daar zorgden de sprekers Onno Dwars van VolkerWessels Vastgoed, Yvette Watson van de Koninklijke Bibliotheek, Jaap Strating van de Gemeente Eindhoven en professor Andy van den Dobbelsteen wel voor.

Wytze Kuijper van Kantoor vol Energie en de vertrouwde spreekstalmeester tijdens de EETcafés zet de aanwezigen in de voormalige bioscoop in het Rotterdamse Groothandelsgebouw bij de aftrap op het verkeerde been. “Welkom bij het allerlaatste EETcafé.” Om er na een korte stilte aan toe te voegen: “Van dit jaar. Want in 2017 is er gewoon weer een volgende bijeenkomst.” Aan het eind van de bijeenkomst licht Eelco Ouwerkerk de plannen toe. “Het ministerie van Binnenlandse Zaken en het Rijksvastgoedbedrijf hebben vertrouwen in de beweging die Kantoor vol Energie op gang heeft gebracht. Energiesprong, waar dit een onderdeel van is, stopt aan het einde van dit jaar, maar wij blijven via Platform31 actief.” Kantoor vol Energie gaat acht casussen begeleiden maar bijvoorbeeld ook de gemeente Den Bosch. “En we zetten weer de nodige masterclasses op touw, dus de beweging wordt alleen maar groter.”

CIC Rotterdam

Voordat Onno Dwars, hoofd acquisitie & innovatie bij VolkerWessels Vastgoed over de ontwikkeling van Alliander gaat vertellen, krijgt eerst Marcus Fernhout managing director van CIC Rotterdam de vloer. CIC Rotterdam fungeert deze middag als gastheer. Fernhout vertelt over de ambities van het bedrijf om 550 startups in het Groothandelsgebouw te vestigen. “We hebben hiervoor 13.000 vierkante meter beschikbaar. Er ontstaat hier een omgeving waar startende bedrijven met potentie elkaar stimuleren, inspireren en beïnvloeden.” Vooral dat laatste is voor Onno Dwars een mooi opstapje naar zijn verhaal over de verduurzaming van Alliander in Duiven. “Ook daar hebben we namelijk de omgeving weten te beïnvloeden. Het gebouw levert energie aan het gehele complex van Alliander op het terrein en vormt daarmee ook een vliegwiel voor de omgeving. Andere bedrijven zie je daar ook met duurzaamheid aan de gang gaan waardoor het een soort olievlek wordt.” In zijn visie is het bouwen van een energieleverend gebouw niet langer meer “slechts een ambitie” maar het “absolute minimum”. “Het kan, dus we moeten het gewoon doen.” Zijn les aan de zaal: “Hou je ambitie in projecten vast. En als mensen samenwerken kunnen we echt de wereld veranderen. Denk vooral groot.”

Koninklijke Bibliotheek

Yvette Watson, projectleider circulair gebouw bij de Koninklijke Bibliotheek, zal misschien ook graag de wereld willen veranderen. Voor haar is dan het verduurzamen van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag de eerste stap. “Het gebouw is 35 jaar oud dus de klimaatinstallatie moet worden vervangen. Er zit asbest in en er is sprake van achterstallig onderhoud.” Kortom reden genoeg om aan de slag te gaan. Het wenkend perspectief voor Watson is een gezond, comfortabel en energieneutraal gebouw. “Een circulair complex zonder energierekening.” Dit besluit is door directie en bestuur echter niet zomaar genomen. “Daar heb ik flink aan moeten trekken”, houdt zij de zaal voor. Pas toen ze het argument in de strijd wierp, dat een bibliotheek ook een maatschappelijk voorbeeldrol heeft en daarmee aan eindgebruikers laat zien dat er een stap kan worden gezet, was de kogel door de kerk. Op basis van ambities en functionele prestaties gaan zij en haar collega’s van de Koninklijke Bibliotheek straks in dialoog met de markt. “Het blijft een spannend traject. Laatst vroeg de ondernemingsraad mij wanneer we het programma van eisen gaan opstellen. Toen ik zei dat wij dat niet gaan doen werd er toch wel even raar opgekeken. De volgende halte is de uitvraag en de aanbesteding.”

Vertrouwen

Dat traject heeft Jaap Strating, inkoopontwikkelaar bij de gemeente Eindhoven al achter de rug. Zijn verhaal gaat over de ervaringen van zijn team bij de innovatieve aanbesteding voor het project ‘Slim verduurzamen van gemeentegebouwen’. Eindhoven heeft als ambitie om in 2035 de gebouwde omgeving energieneutraal te hebben. Voor de aanpak van het stadhuis, vier kantoorgebouwen, het Van Abbe museum en het Designhuis hebben Strating en zijn team via een consultatieronde om ideeën voor de verduurzamingsopgave gevraagd. “Dat leverde 197 ideeën op van 133 bedrijven.” Het resulteerde in een heel traject waarbij uiteindelijk één consortium is geselecteerd. “We hebben veel geleerd van het traject”, vertelt Strating. “Vanuit de markt kregen we terug dat ze het echt als een samenwerking hebben beschouwd. Een samenwerking waarin ze tevens een maximale creatieve inbreng hebben gehad. Vertrouwen krijgen in elkaar is dan ook wel het sleutelwoord. Daar hebben we met elkaar hard aan gewerkt en heeft het hele traject”, zo besluit hij, “onze verwachtingen overtroffen.”

Dimensies van duurzaamheid

Andy van den Dobbelsteen, PhD MSc Professor of Climate Design & Sustainability neemt als laatste spreker deze avond de aanwezigen in de zaal mee terug naar zijn promotieonderzoek ‘The Sustainable office’ dat hij in de periode 2000 tot 2004 heeft uitgevoerd. Daarin lanceerde hij onder andere de drie technische dimensies van duurzaamheid. Meer aandacht voor ruimtegebruik, levensduur en de organisatie van het kantoorwerk. “Vooral dit laatste”, benadrukt Van den Dobbelsteen, “wordt sterk door de ict-ontwikkelingen beïnvloed. Daardoor is het ook mogelijk geworden om de stad als één kantoor te zien waar medewerkers mobiel werken, zowel thuis als in een buurtkantoor. Het gevolg daarvan is dat het traditionele kantoor kleiner kan worden.”

Flinke stappen

Tegelijkertijd vindt hij wel dat er flinke stappen moeten worden gemaakt om het milieu te verbeteren. Want vooral de opwarmende steden baren hem veel zorgen. “In de steden is sprake van het zogenoemde urban heat island effect. Dit beschrijft het fenomeen dat stedelijke gebieden significant warmer zijn dan de buitengebieden. Het komt onder andere door zonabsorptie door de zwarte bitumendaken, de warmte van auto’s, industrie en airconditioners. En er is natuurlijk weinig compensatie in de vorm van groen, wind en stromend water.”

Transitie

Volgens Andy van den Dobbelsteen moet de gebouwde omgeving een drievoudige transitie maken. “Er moet meer aandacht komen voor klimaatadaptiviteit. En alles wat we toevoegen moet energieneutraal en circulair zijn.” Dat dit mogelijk is bewijzen in zijn ogen tal van voorbeelden. Het meest in het oog springende voorbeeld is zonder twijfel het besluit van het Deense eiland Samsø om een fossielvrij eiland te worden. Windenergie, zonne-energie en het verbranden van biomassa voorzien de bevolking van energie. Andy van den Dobbelsteen: “De mensen met wie ik Samsø heb bezocht, hebben beloofd in hun eigen invloedssfeer in een jaar tijd iets groots te doen. Wellicht een goed idee om straks bij de borrel te vertellen wat u gaat doen.”

Roman

Voordat de aanwezigen hun plannen met elkaar kunnen gaan delen halen Eelco Ouwerkerk en Wytze Kuijper Sonja van den Arend op het podium. Zij is bezig met het leggen van de laatste hand aan een roman over Kantoor vol Energie. “Ik ben bijna klaar”, zegt de schrijfster. “De definitieve titel is nog niet bekend maar het verhaal gaat over Tilly die per ongeluk een bouwbedrijf in de schoot geworpen krijgt en met duurzaam bouwen voorloper wil worden. Maar uiteindelijk komt ze natuurlijk in de shit.” Wat die shit precies is en hoe het met Tilly afloopt kan iedereen binnenkort lezen. De roman is hier te bestellen.