EETcafé in teken van verleden, heden en toekomst
7 januari 2016
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Slechts elf procent van de kantoorgebouwen in Nederland bepaalt zo’n twee derde van het energiegebruik. Voor de bouwsector zijn er dan ook concrete mogelijkheden om op kansrijke locaties deze gebouwen te verduurzamen naar energieneutraal. Daar zijn in totaal miljarden euro’s mee gemoeid. Dit blijkt uit een recent onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouwnijverheid (EIB). Matthieu Zuidema, programmaleider bij het EIB presenteerde de onderzoeksresultaten tijdens het laatste EET-café van dit jaar. Hij nam het blokje ‘potentie’ voor zijn rekening. Martine Verhoeven, huisvestingsadviseur bij Royal HaskoningDHV schetste de praktijk en de bijdrage over innovatie kwam van Marjolein Helder, ceo van Plant-e. Maar dit alles niet voordat Ad van Wijk, professor Future Energy Systems de toekomst heeft voorgespiegeld. Kortom, een verslag van een boeiende bijeenkomst.

Plaats van handeling is de Caballerofabriek in Den Haag. “Een geweldige locatie”, vindt Wytze Kuijper van Kantoor vol Energie, “omdat we het hier ook gaan hebben over transitie. Ooit was dit een sigarettenfabriek en nu is het een broedplaats voor innovatieve bedrijven.”  Kuijper trapt de EET-café-bijeenkomst af met een terugblik op het afgelopen jaar en doorkijkje naar 2016. “Duidelijk is dat we met het programma Kantoor vol Energie in het afgelopen jaar flinke stappen hebben gemaakt.” Meer partijen beginnen volgens hem de voordelen te zien van energieneutrale kantoorvestigingen. “Van ‘ja maar’ en ‘het kan niet’ zitten we nu in de fase van ‘het kan als je het wilt’. De omslag zit vooral door huisvesting als bedrijfsmiddel te beschouwen en niet als kostenpost.”

Een belangrijk aspect vormt daarbij het gegeven dat een gezond en energieneutraal kantoor ook een positief effect heeft op de productiviteit van de medewerkers die daar werken. “Het is een onderdeel van de ValueCase die snel inzichtelijk maakt wat een energieneutrale, comfortabele en gezonde werkomgeving een organisatie kan opleveren. ” Voor volgend jaar wil Kantoor vol Energie tien verschillende projecten oppakken. “Met een roadshow gaan we de voordelen van een energieneutraal kantoorgebouw voor zowel gebruikers als eigenaren nog meer onder de aandacht brengen en selecteren we in totaal 10 pilotprojecten. Uiteindelijk zal het motto zijn ‘we doen ’t omdat het kan’.”

Deurbel

Keynote speaker tijdens deze EET café-bijeenkomst is Ad van Wijk professor Future Energy Systems. Zijn rol is om een doorkijk naar de toekomst te geven. Volgens hem neemt de aandacht voor het besparen van energie hand over hand toe. “We richten ons daarbij teveel op de voorkant terwijl we aan de achterzijde alleen maar energie aan het verspillen zijn.” Als concreet voorbeeld geeft hij de deurbel. “Iedereen heeft een deurbel. En de hele dag staat er een transformator van twee tot 10 watt te wachten tot er iemand op die bel drukt. Om pakweg de 400 miljoen deurbellen in Europa van stroom te voorzien hebben we twee kolencentrales nodig. Dat kan echt anders. Door bijvoorbeeld de deurbel te voorzien van een klein zonnepaneeltje die de transformator activeert op het moment dat er wordt aangebeld.” Het is in de ogen van Van Wijk één van de vele voorbeelden waarmee elektriciteit wordt verspild. “We hebben allemaal tal van apparaten in huis waar energie uit weglekt. Dat oplossen levert enorm veel winst op.” Verder voorziet Van Wijk dat in de nabije toekomst veel apparaten in hun eigen energie gaan voorzien. Als voorbeeld geeft hij een smart-window. Deze folie wordt op een raam aangebracht en is een televisie- en computerscherm ineen. “De stroom krijgt dit scherm door bijvoorbeeld zonnecellen in de hoeken van de raamsponningen. Nu al zien we producten die via wifi worden opgeladen. Het staat nog in de kinderschoenen maar het staat er wel aan te komen.”

Een nog grotere transformatie gaat in zijn visie de auto-industrie maken. “De verdere ontwikkeling van de brandstofcel op basis van waterstof is slechts een kwestie van tijd.” Het gaat er volgens hem voor zorgen dat auto’s energie gaan leveren. “Dan voorziet een garage van 500 auto’s straks de omliggende wijk van energie. Met andere woorden dan hoef je niet meer te betalen om te parkeren maar word je ervoor betaald.”

Uitvraag

Het is een soort toekomstmuziek waar Martine Verhoeven, huisvestingsadviseur & manager business development bij Royal HaskoningDHV nog maar even niet aan denkt. Daarvoor is het traject waarin ze nu zit om een nieuwe duurzame kantoorvestiging in Amsterdam te vinden, al een opgave op zich. “Wij hebben de markt uitgedaagd om met voorstellen te komen”, schetst Martine het proces. Inmiddels zijn er drie partijen geselecteerd waarmee ze nu een zogenoemde dialoogronde ingaat. Kantoor vol Energie gaat het hele traject begeleiden. “We hebben een energieneutraal en duurzaam kantoor voor ogen wat een ontmoetingsplek voor onze medewerkers én klanten moet zijn. En ook hebben we gevraagd om een kantoor in de stad. Ik ben erg benieuwd naar de propositie van de drie geselecteerde partijen. Uiteindelijk gaan we dat beoordelen op basis van inhoud, proces en wat het kost.”

Volgens Matthieu Zuidema, programmaleider bij het Economisch Instituut Bouwnijverheid (EIB) is de verduurzamingsvraag die Royal HaskoningDHV nu heeft gesteld, een voorbeeld waar de bouwsector er meer van zal gaan krijgen. Het EIB heeft de kansen voor de verduurzaming van de kantorenmarkt in kaart gebracht. “Uit dit onderzoek blijkt dat slechts 11 procent van alle kantoorgebouwen zo’n twee derde van het energiegebruik bepaalt”, houdt Zuidema zijn gehoor voor. “Omdat Wytze Kuijper van concrete cijfers houdt heb ik een sigarenkistberekening gemaakt. Als je uitgaat van de beste locaties heb je het over 275 panden die zich morgen al lenen om te transformeren naar energieneutraal. Qua bouwomzet heb je het dan direct al over 1,6 miljard euro. Filter je de lastige gebouwen of probleemgebouwen eruit dan blijven er 150 over. Dan nóg ligt er morgen voor de bouw een markt van 1 miljard euro beschikbaar. Uiteraard is de totale markt veel groter”, benadrukt Zuidema. “Want als we die 11 procent aanpakken hebben we het over een investeringsbedrag van zo’n 7 miljard euro.”  Volgens Kantoor vol Energie is zeker 35 procent van de totale markt geschikt om Nul op de Meter te worden gemaakt. In dat geval gaat het om 17,5 miljoen vierkante meter met een bouwomzet van circa € 14 miljard euro.

Planten

Marjolein Helder, ceo van Plant-e hoopt dat een deel van die investeringen in haar product wordt gestoken. Zij sluit met een presentatie van haar bedrijf deze laatste EET-bijeenkomst van 2015 af.  Plant-e heeft een techniek ontwikkeld waarbij energie uit planten kan worden opgewekt zonder de planten te oogsten of te beschadigen. De ontwikkelde techniek is vooral geschikt voor natte bodems, zoals moerasgebieden en rijstvelden.  “Ongeveer 25 procent van Nederland bestaat uit moerasachtig gebied. Dat betekent dat we met dit product onze totale elektriciteitsvraag kunnen voorzien.” Voorlopig is dat volgens Helder echter nog toekomstmuziek. Hoewel het product in toenemende mate wordt toegepast. Zo voorzien de plantjes bijvoorbeeld in Ede/Wageningen de led-verlichting in een vangrail van energie. “Met één vierkante meter voorzien we een ledlampje van stroom. Daar redden we natuurlijk de wereld nog niet mee. Maar de ontwikkelingen gaan wel snel. Uiteindelijk is het de verwachting, dat de opbrengst zeker in de buurt komt van die van zonnepanelen.” Dat de ontwikkelingen snel gaan heeft volgens haar ook te maken met de toenemende belangstelling die er voor Plant-e is. Zo heeft Plant-e bijvoorbeeld eerder dit jaar op het World Economic Forum de innovatieprijs 2015 in de wacht gesleept. De jury bestempelde deze Hollandse start-up als behorend tot de 49 meest vooruitstrevende bedrijven in de wereld. “Je merkt toch dat zo’n prijs iets teweegbrengt. Het moet zo worden dat iedereen zegt ‘cool spul, dat wil ik ook’.”

Streven

Het is een vooruitzicht dat ook Wytze Kuijper wel aanspreekt: “Daar moet ook ons streven zijn. Dat eigenaren en gebruikers van kantoren eind volgend jaar zeggen ‘een nul op de meter kantoor, dat wil ik ook.”