Kan ieder kantoor worden verduurzaamd?
30 september 2013
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Ja, elk gebouw kan energetisch verduurzaamd worden, maar de wijze waarop hangt sterk af van je ambities. De energiebesparing die je nastreeft, het gewenste comfort in het gebouw en de budgettaire ruimte bepalen in hoge mate het maatregelenpakket. Maak dus samen met een adviseur die oog heeft voor jouw ambities een plan en bespreek dat met de eigenaar van je pand. Nog beter is om samen met de eigenaar een plan te laten maken. Daarbij is het zeker van belang om in het bepalen van de budgettaire ruimte niet te snel te vervallen
in ‘terugverdientijden’, maar het gesprek te voeren over de kansen en waardecreatie voor de huurder en voor de eigenaar. Neem wel in alle gevallen energieneutraliteit als uiteindelijk doel, los van je huidige ambitie. Bepaal vervolgens de juiste mix van maatregelen die bij jou en je gebouweigenaar past en die in onderlinge samenhang goed functioneert. Benoem vervolgens de eerste te nemen stappen in het nieuwe energie­ concept. Op deze manier voorkom je dat keuzes in de huidige context toekomstige ontwikkelingen gaan blokkeren.

Een grote opgave bij bestaande kantoren is het verbeteren van de isolatie. Zo heeft maar 20 procent van de kantoren goede glasisolatie, 30 procent goede gevelisolatie
 en 40 procent goede dakisolatie (bron: Arup). Maatregelen om energieverbruik van verlichting te beperken, zoals daglichtregeling, veegpuls, zonafhankelijke zon­ wering en dergelijke, zijn bij niet meer dan 20 procent van de kantoren doorgevoerd, net als maatregelen om energieverbruik van ventilatoren en pompen terug te brengen door ze beter af te stellen. Dit geldt met name voor de gebouwen van voor 2005. Zo zie je dat met relatief beperkte maat­ regelen al veel bereikt kan worden.

De kwaliteit van gebouwen verbeteren is vooral wenselijk, omdat veel van deze maatregelen een positieve invloed hebben op de gezondheid en het welzijn van de gebruikers. Maatregelen zoals het zelf kunnen beheersen van de temperatuur, locatiespeci­fieke verlichting, vraaggestuurde ventilatie, te openen ramen en natuurlijke ventilatie leveren een grote bijdrage aan het welbevinden van de mensen in het gebouw.

Er zijn minder kostbare maat­ regelen, zoals locatiespecifieke verlichting, daglichtregeling en aanwezigheidsdetectie en duurdere als het vervangen van de verlichtingsarmaturen of luchtbehandelingkast of het aanbrengen van zonwering. Onder de categorie echt ingrijpende maatregelen valt het vervangen van een compleet klimaatsysteem en het plaatsen van een nieuwe gevel. Toch ontkom je er hier soms niet aan om een gebouw goed te revitaliseren en weer waarde te geven.

Ten slotte wordt het ook steeds aantrekkelijker om zelf je energie te produceren. Kleinschalige technieken zijn biopelletketels, warmte­koudeopslag, zonnecellen, restwarmte uit de omgeving
en koude uit oppervlaktewater. Nieuwe technieken, zoals verwarmingsketels met turbo­ compressoren zijn in aantocht. Ook kan gedacht worden aan kleinschalige warmte­kracht­ koppelingsinstallaties waarin bio­-olie of biogas wordt gebruikt. Voor grotere gebouwen of een combinatie van meerdere gebouwen is in veel gevallen een warmte­koudeopslaginstallatie aantrekkelijk. In sommige gevallen kan windenergie of warmte uit het riool een optie zijn. Voor heel grote gebouwen is participatie in geothermiebronnen wellicht een aantrekkelijk alter­natief. Deelneming in een groot­schalig windpark in de omgeving dient altijd met twee handen te worden aangepakt, omdat dit snel financieel lucratief is en – onder condities – ook toegerekend kan worden aan het nieuwbouw­- of renovatieconcept.

Bij dit soort innovatieve energie­ technieken moet goede zorg besteed worden aan beheer en onderhoud. Uitbesteden en het werken met prestatiecontracten maakt dat de techniek in goede handen is en dat de apparatuur blijft werken. Een oplossing waar­ voor bij traditionele productie­ technieken, zoals ketels en koelmachines, ook vaak al wordt gekozen.

Bron: Gebouwen bewegen, de winst van duurzame kantoorrenovatie