Veel belangstelling voor de roadshow Kantoor vol Energie
10 maart 2016
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

De roadshow van Kantoor vol Energie met vijf regiobijeenkomsten (Zwolle, Amsterdam, Den Bosch, Apeldoorn en Den Haag) was een succes. “Het waren intensieve interactieve sessies met kwalitatief hoogwaardige deelname. Ik heb hier dan ook een zeer positief gevoel over”, aldus Mario Dingenouts, projectleider bij Kantoor vol Energie. In totaal hebben 55 vertegenwoordigers van 22 verschillende gemeenten een van de vijf bijeenkomsten bezocht.

“Ik moet het nu eerst even laten bezinken”, zegt Nieke Lammes, accountmanager vastgoed bij de gemeente Bergen op Zoom. Zij heeft zojuist de bijeenkomst van Kantoor vol Energie in de Verkadefabriek in ‘s-Hertogenbosch bijgewoond. “Wij hebben plannen voor de aanpak van het centrum en daar maakt het stadhuis onderdeel van uit. Ook hebben wij klimaatdoelstellingen gesteld waar we invulling aan moeten gaan geven. Dan is het vertrekpunt van Kantoor vol Energie, dat huisvesting een bedrijfsmiddel is en geen kostenpost, heel interessant.”

Ruim drie uur heeft zij samen met collega’s uit onder andere ’s-Hertogenbosch en Almelo geluisterd naar de aanpak van het Kantoor vol Energie en gediscussieerd over het verduurzamen van vastgoed. “Doel van de roadshow was om nog enkele geschikte kantoren te selecteren voor ondersteuning bij een energieneutrale renovatie in 2016. Daarvoor hebben we de aanpak van het programma Kantoor vol Energie uitgebreid toegelicht”, vertelt Mario Dingenouts.

Die rol was weggelegd voor aanjager Wytze Kuijper. Hij neemt de aanwezigen ook deze middag in ‘s-Hertogenbosch mee in de zienswijze van Kantoor vol Energie. “Het gaat er niet zo zeer om dat het gebouw minder energie gebruikt, het gaat er vooral om dat het gebouw comfortabeler voor de gebruikers wordt. Men werkt in een gezonder kantoor, het werkplezier gaat omhoog en daarmee ook de arbeidsproductiviteit. Tevens zal je zien, dat het ziekteverzuim daalt. Ook draagt een duurzaam gebouw bij aan het imago van de gebruiker”, aldus Kuijper. Het zijn vooral deze zaken die, eenmaal gekapitaliseerd, de verduurzaming van het kantoor niet alleen rechtvaardigt maar ook mogelijk maakt.

ValueCase
Om juist die bijkomende zaken inzichtelijk te maken heeft Kantoor vol Energie de ValueCase ontwikkeld. “Dat is een methodiek waarbij je als eigenaar en gebruiker van het kantoorpand de uitgangspunten voor verduurzaming vaststelt”, legt Wytze Kuijper uit. Het gaat dan om zaken zoals bijvoorbeeld het creëren van waarde, kosten reduceren, imago verbeteren en flexibiliteit bieden. “Als we dit in opbrengsten kunnen uitdrukken dan kunnen we er ook mee rekenen en kan je randvoorwaarden stellen aan wat het mag kosten. Dat is uiteraard van belang voor de uiteindelijke businesscase.” Hij erkent dat zaken als energiebesparing en besparingen op onderhouds- en beheerskosten meetbaar zijn. “Daar wordt dan een terugverdientijd aan gekoppeld en dan is het een kwestie van haalbaar of onhaalbaar.”

De crux zit volgens Kuijper dat juist andere factoren als comfort, terugdringen ziekteverzuim, het verhogen van arbeidsproductiviteit en imago de balans eerder naar een grondige verduurzaming laten doorslaan. “Een haalbare business case houdt dus niet in dat we nu weten en kunnen beantwoorden hoe we dit allemaal gaan realiseren. Een haalbare business case betekent dat er van iedereen commitment is, dat er zaken kunnen worden gedaan als aan de uitgangspunten en voorwaarden wordt voldaan.”

Dialoog
Noor Huitema van Kantoor vol Energie geeft vervolgens inzicht in de uiteindelijke aanpak om in dialoog met marktpartijen tot een duurzaam kantoorgebouw te komen. “Daarbij gaat het er om dat je niet tot achter de komma vast stelt wat en hoe je het wilt hebben. Want de geselecteerde partij hoeft dan niet meer na te denken en voert simpel uit wat er op de tekening staat. Nee, laat elke partij zelf waarde aan het project meegeven. Dat zorgt ook voor innovatie. Stuur op output en performance in een continue dialoog met de uitvoerende partijen.”

Tinio van Goor verantwoordelijk voor het maatschappelijk vastgoed bij de gemeente ’s-Hertogenbosch geeft aan dat zijn gemeente hier al wel enige ervaring mee heeft. “Het is echter niet altijd even makkelijk om zo’n samenwerking te laten lukken. Met als gevolg dat gemeentelijke diensten samenwerking met marktpartijen altijd in dat licht zien.” Huitema kan zich dat voorstellen. “Het is inderdaad niet makkelijk. Deze manier van werken is voor zowel de gemeente als opdrachtgever als de uitvoerende partij nieuw. Wij begeleiden die processen en zien dat het voor alle partijen een leerproces is.” Janneke van Bakel, beleidsadviseur energie en klimaat bij de gemeente ‘s-Hertogenbosch is wel enthousiast over de aanpak. Zij geeft aan wel enkele panden op het oog te hebben die voor pilot geschikt zouden kunnen zijn.

Werksfeer
In de discussie die op de presentaties van Wytze Kuijper en Noor Huitema volgt, onderschrijft Mark Hendriks van de gemeente Almelo dat het onlangs geopende nieuwe stadhuis wel degelijk effect heeft op de werksfeer en beleving van de ambtenaren. “Dat is naar mijn idee echt toe te schrijven aan meer comfort, flexibiliteit en de verbeterde luchtkwaliteit van het gebouw.” Volgens Wim Berns, beleidsmedewerker bij de VNG, zou het verduurzamen wellicht een stuk gemakkelijker gaan wanneer er niet altijd van terugverdientijden wordt uitgegaan. “Ik vind de rekenexercities niet overtuigend maar het zet wel aan tot nadenken over meer dan alleen de energierekening als belangrijkste driver.”

Positief
Mario Dingenouts blikt met een positief gevoel op de vijf regiobijeenkomsten terug. “Er hebben zich verschillende interessante kandidaten voor ondersteuning gemeld. Zo gaat de bijvoorbeeld ook de gemeente Amsterdam op zoek naar een geschikt kantoorgebouw. Ik verwacht dus dat we spoedig weer met enkele nieuwe pilots aan de slag gaan.”