Wat wordt verstaan onder energieneutraal?
17 september 2013
 

Terug naar het nieuwsoverzicht

Het boek Gebouwen bewegen gaat over de ambitie om ook bestaande gebouwen zo dicht mogelijk in de buurt te laten komen van een energieneutrale prestatie. Energiesprong |Platform31 omschrijft het in haar innovatieprogramma ‘Kantoren vernieuwen naar energieneutraal’ als volgt: ‘Het doel van het initiatief is om alle partijen in de huisvestings­ keten van kantoren in beweging te krijgen om een grootschalige toepassing van duurzame energie en een forse reductie van het gebruik van fossiele brandstoffen te realiseren.’ Een juiste definitie van het begrip energieneutraal is daarbij cruciaal.

Een pand is energieneutraal wanneer over het gehele jaar gemiddeld evenveel duurzame energie op het betreffende perceel wordt opgewekt als er binnen
het pand wordt verbruikt. En dat geldt voor alle zogenaamde energiegebruikscategorieën, zoals verwarming, koeling, ventilatie, verlichting, pc’s, keukenapparatuur, enzovoort. Dit is de meest globale formulering. Iets ingewikkelder wordt het wanneer we energie­ neutraliteit technischer benaderen. Voor de opwekking en het verbruik van energie wordt daarvoor terug­ gerekend naar primaire energie. Dat wil zeggen energiegrond­ stoffen in hun natuurlijke vorm vóór enige technische omzetting, zoals bijvoorbeeld steenkool, aard­ olie en aardgas. Je zou kunnen zeggen dat op het perceel alle energiestromen primair worden gemaakt en vervolgens gesaldeerd mogen worden. Dit betekent dat een overdaad aan opgewekte elektriciteit het verbruik van niet duurzaam opgewekte warmte mag compenseren. Bij energie­ opwekking kan gebruik gemaakt worden van collectieve maat­ regelen buiten het perceel. Voorbeelden van dergelijke gebiedsmaatregelen zijn: stads­ verwarming, collectieve warmte­ pompen, een serie windmolens, collectieve zonne­-energie en andere duurzame opties die aan­ gesloten zijn op een specifieke wijk.

Hierbij doet zich ook de vraag voor of een energieneutraal pand dus duurzaam is? Energieneutraliteit is één van de belangrijkste aspecten van duurzaamheid. Maar onder duurzaam wordt iets meer verstaan dan alleen een energetische prestatie. Het gaat daarbij ook om een prettig en gezond leefklimaat (veel daglicht, zuivere lucht), de toepassing van herbruikbare materialen, aandacht voor de omgeving van het pand (esthetische inpasbaar­heid, biodiversiteit), het beperken van watergebruik en afval, het sluiten van kringlopen en een bouwproces dat het milieu ontziet en mensen een veilige werkomgeving biedt.

Hanteerbare begrippen

Op de markt wordt inmiddels gewerkt op basis van concrete duurzaamheidseisen. Neem de Triodos Bank, een actieve speler als het gaat om het verduur­ zamen van bestaand vastgoed. In hun uitgave ‘Leven in gezonde gebouwen’ worden de vier P’s (people,_planet,_profit,_project) gehanteerd bij de beoordeling van vastgoedfinancieringen.
 Wat blijkt: steeds meer transacties vinden plaats op basis van deze meetbare criteria.

UIT: Gebouwen bewegen, de winst van duurzame kantoorrenovatie, pag 12